Sinds kort schrijf ik om de week een column in De Telegraaf
Hier is die van deze week.
De wereld schrok zich een hoedje toen de net aangetreden president Trump een reeks protectionistische maatregelen afkondigde. Ook beleggers schrokken en in april noteerde de S&P500, de brede Amerikaanse beursindex, even zo’n 20 procent lager dan in februari.
Economen wezen erop dat de importheffingen die Trump aankondigde vergelijkbaar waren met de heffingen die de Amerikanen in 1930 invoerden. Destijds stortte de wereldhandel in, wat bijdroeg aan de depressie. We konden onze eigen conclusies trekken.
Tot dusver zijn de onheilstijdingen niet uitgekomen. Sterker nog, de groei van de wereldhandel valt dit jaar hoger uit dan vorig jaar. Volgens cijfers van het CPB is de wereldhandel in de eerste negen maanden van het jaar met ruim vijf procent gegroeid ten opzichte van een jaar eerder, meer dan twee keer zo hoog als over heel 2024.
Sommige economen houden vast aan sombere voorspellingen. De klap komt heus nog wel in hun optiek. Dat zou kunnen. Toch lijkt het mij verstandiger om je af te vragen waarom de feitelijke ontwikkeling van de wereldeconomie positiever is uitgevallen dan gevreesd.
Beleggers hebben zich niet onbetuigd gelaten. De S&P500 staat inmiddels ruim 15 procent hoger dan aan het begin van het jaar en ruim 35 procent hoger dan de laagste stand in april. Marktparticipanten geloven kennelijk niet meer in die negatieve scenario’s. Je kunt natuurlijk betogen dat ze knettergek zijn geworden, maar bedenk dat wat zich op de beurs afspeelt, het samenspel is van het collectieve intellect van miljoenen beleggers over de hele wereld. Collectieve gekte komt voor, maar niet zo vaak.
Terug naar de vraag waarom de negatieve voorspellingen niet zijn uitgekomen. Ten eerste wordt de soep niet zo heet gegeten als ze wordt opgediend. Zelfs Trump heeft concessies gedaan. Daarnaast hebben de meeste landen, behalve China, geen protectionistische tegenmaatregelen genomen, in tegenstelling tot wat ze honderd jaar geleden deden.
Daarnaast is de wereldeconomie sterk veranderd sinds de jaren dertig. Importheffingen hebben betrekking op fysieke goederen. Honderd jaar geleden maakten die ongeveer de helft van de economie uit, tegenwoordig is dat een stuk minder. Zo wordt nu een kleiner deel van de totale economie door importheffingen getroffen dan toen.
Belangrijker wellicht is de veerkracht van de internationale handel. Productieketens zijn oneindig veel meer internationaal verweven dan in het verleden. Vaak wordt dat als een kwetsbaarheid gezien, maar misschien is het juist een kracht. Alle betrokkenen in deze productieketens zijn zeer gemotiveerd om hun verdienmodel te beschermen. Dat doe je niet door op te geven, maar door omwegen te zoeken als je een obstakel op je pad vindt.
Een belangrijke les van 2025 is dit: zelfs het fel bekritiseerde beleid van Trump is het niet gelukt de wereldeconomie grote schade toe te brengen. Waarom zou dat in 2026 wel lukken?