De moeder van alle handelsovereenkomsten

Dat is de titel van mijn tweewekelijkse column die gisteren verscheen op de site van Investment Officer. Het gaat over de handelsovereenkomst tussen de EU en India.

Sinds ik die column eind vorige week schreef, heeft Trump een overeenkomst tussen de VS en India bekend gemaakt. Ik heb mij geërgerd aan hoe Ursula von der Leyen de deal met Modi heeft gevierd terwijl India sinds het uitbreken van de oorlog in Oekraïne een hoop Russische olie importeert. Dat ondermijnt de sancties die de EU Rusland heeft opgelegd. Volgens Trump heeft hij met Modi afgesproken dat India stopt met de import van Russische olie.

Het ligt voor de hand beide overeenkomsten met elkaar te vergelijken. Voor het merendeel van Indiase goederen die naar de EU worden geëxporteerd, worden de huidige heffingen, gefaseerd afgeschaft. De heffingen die de Amerikanen Indiase goederen momenteel opleggen bedragen een basistarief van 25% plus een strafheffing van 25% omdat India Russische olie afneemt. Onder de nieuwe overeenkomst gaat de heffing naar 18%. Voor 30% van de Europese goederen gaat de Indiase heffing direct na het van kracht worden van de overeenkomst naar 0%, voor verreweg de meeste andere producten gebeurt dat gefaseerd over een periode die in sommige gevallen tien jaar beslaat. De Indiase heffingen op Amerikaanse producten gaat naar 0%, maar we weten niet wanneer.

Hier is de tekst van mijn column.

Al enkele jaren denk ik dat de wereld steeds gekker wordt. Maar omdat ik vaak het gevoel heb de enige te zijn die dat zo ziet, probeer ik mijzelf ervan te overtuigen dat ik spoken zie. Misschien moet ik psychische hulp zoeken. Daarvan is het tot nog toe niet gekomen.

In dat kader beschouw ik de handelsovereenkomst die de EU en India onlangs sloten. Triomfantelijk maakten India’s premier Modi, Ursula von der Leyen en António Costa de overeenkomst die wel de ‘moeder van alle handelsovereenkomsten’ wordt genoemd wereldkundig.

Als ik mij niet vergis, is dat dezelfde Von der Leyen die met haar Europese Commissie het ene sanctiepakket na het andere lanceert om Rusland onder druk te zetten de oorlog in Oekraïne te beëindigen. Ik heb mijn reserves bij die sanctiepakketten, maar weet zeker dat de effectiviteit ervan wordt ondermijnd doordat andere landen de economische banden met Rusland juist aanhalen en op die manier helpen de oorlog te financieren. India is daarvan misschien wel het beste voorbeeld. Voor de oorlog importeerde India nauwelijks olie uit Rusland, nu betrekt het land ongeveer een derde van haar olie-import uit Rusland.

Voor de oorlog kwam ca. 2% van de Russische exportinkomsten uit India, inmiddels is dat bijna 15%. Zou dat voor Von der Leyen geen reden moeten zijn om niet zo triomfantelijk met Modi te paraderen? Ik aanschouw de tenenkrommende Europese euforie met stijgende verbazing.

Natuurlijk, de potentie van de Indiase markt is enorm. Bijna anderhalf miljard mensen, nu nog met een gemiddeld inkomen per hoofd van een schamele USD 3.000 per jaar, maar ook een economische groei van meer dan 6% per jaar. De EU-export naar India is echter slechts ca. 2% van onze totale export. Het zal een enorme inspanning en veel tijd vergen eer de groei van onze export naar India een materiële invloed op onze eigen economie heeft. Dan is het voor mij de vraag of het enthousiasme waarmee de overeenkomst is gepresenteerd niet een tikkeltje overdreven is.

Bij het beschouwen van de laaiend enthousiaste commentaren op de nieuwe overeenkomst, rijzen bij mij direct diverse vragen. De belangrijkste is of India zich de komende decennia gaat ontwikkelen zoals China zich de laatste vijfentwintig jaar heeft ontwikkeld en wat de effecten daarvan voor ons zullen zijn.

Binnen een paar jaar nadat China in 2001 lid werd van de Wereldhandelsorganisatie en daarmee veel gemakkelijker toegang kreeg tot westerse markten verloor de VS een derde van de industriële werkgelegenheid. In Europa zal dat niet heel anders zijn geweest. Moeten we daar blij mee zijn? Ik waag het te betwijfelen.

De basis van mijn twijfel is dat China altijd heeft voorkomen dat in de onderlinge handelsrelaties sprake was van een gelijk speelveld. Dat heeft uiteindelijk de niet onbegrijpelijke toorn van Trump gewekt, die daarom een handelsoorlog ontketende. Wij gaan nu het omgekeerde doen. Maar hoe verzekeren we ons ervan dat India niet hetzelfde pad volgt als China al jaren volgt? De zakencultuur in India is echt een andere dan bij ons om over de bureaucratie nog maar te zwijgen.

In de diverse beelden was te zien hoe Modi Von der Leyen en Costa onverwachts bij de hand nam. Hoe weten we zeker dat hij hen ook niet bij de neus heeft genomen?

Aan de positieve kant: er wordt wel gezegd dat de opkomst van China als industriële natie de inflatie bij ons heeft gedrukt. Gaat de ontwikkeling van India hetzelfde doen?

De grootste economische verrassing van 2025 was dat de wereldhandelsgroei niet sterk vertraagde zoals economen verwachtten vanwege de importheffingen van Trump, maar juist versnelde. Kennelijk doen die heffingen er minder toe dan we denken. Dan is zo’n handelsovereenkomst met India misschien ook minder relevant dan economen veronderstellen. Waar maak ik me dan eigenlijk druk over? Het antwoord op die vraag is dat ik de kriebels krijg wanneer ik geacht word te applaudisseren voor een actie van de Europese Commissie die mij niet direct overtuigt.